• tekst: Ellen Meijer | illustratie: Ronald van der

Leefbaar & levendig

Hoe willen we dat Bloemendaal er in 2040 uitziet?

Volgens de nieuwe Omgevingswet moet elke gemeente voor de lange termijn haar ambities en beleidsdoelen vastleggen. Bloemendaal is daar ook mee bezig. Welke kwaliteiten hebben onze dorpen die we zonder meer willen behouden?

In de zomer staat geregeld vanuit Haarlem dwars door de Bloemendaalse kernen een file naar het strand. Leuk voor de strandpaviljoens, maar voor de mensen die langs de route wonen kan dat een bron van irritatie (en uitlaatgassen) zijn. “Het laatste wat je wilt is dat we overspoeld raken door toeristen. Maar we willen ook geen saaie slaapdorpen. De leefbaarheid moet voorop staan, zodat het hier fijn wonen blijft.” Aan het woord is San van der Zeijden. Als projectleider Omgevingsvisie leidt zij het proces waarin de gemeente haar toekomstplannen bepaalt.

Wat houdt de Omgevingsvisie in?

San: “Tot nu toe heeft de gemeente een structuurvisie. Zeg maar een stip op de horizon – zo willen we over tien of twintig jaar zijn. De Omgevingsvisie komt hiervoor in de plaats en het verschil met de structuurvisie is dat daarin behalve ruimtelijk beleid ook het milieu, veiligheid en gezondheid worden meegenomen. In de Omgevingsvisie zit bovendien meer samenhang met de omliggende gemeenten. Logisch, want mensen denken niet in gemeentegrenzen. De papieren scheidslijnen mogen hard zijn, de ‘gebruikersgrenzen’ zijn zacht: Bloemendalers gaan in Haarlem naar de film en Haarlemmers komen naar Bloemendaal voor de natuur. Met de Omgevingsvisie willen we bereiken dat Bloemendaal haar kwaliteiten behoudt, maar wel toekomstbestendig is.”

Waarom is daar zo’n visie voor nodig?

“Daarmee kunnen we inspelen op grote opgaven, zoals de energietransitie en de woningnood – maatschappelijke ontwikkelingen waar we sowieso mee te maken hebben. Een beslissing over de inrichting van de ruimte heeft ook sociale gevolgen. Daarom is het goed dat die straks standaard worden meegenomen. Stel dat we vijfhonderd woningen bijbouwen, dan doet dat iets met de mobiliteit, de beschikbare recreatieruimte en de scholen; de inwoners van Bloemendaal worden ouder, dat vraagt om specifieke voorzieningen. Daarbij hebben we de uitdaging dat we een gemeente zijn met vijf dorpen met elk hun eigen identiteit, en dat willen we graag zo houden.”

Maakt Bloemendaal haar eigen plan?

“Uiteindelijk wel, maar in het proces daarnaartoe werken we nauw samen met Heemstede, omdat we dat al op veel andere terreinen doen en de meeste onderwerpen die hier spelen, daar ook relevant zijn. Bovendien zijn beide gemeenten vrij klein voor zo’n omvangrijk project. Door samen te werken kunnen we elkaar ondersteunen.

Verder werken we samen met Haarlem en Zandvoort – die twee gemeenten vormen ook een koppel – en kijken we in groter verband naar de plannen voor de regio Zuid-Kennemerland/IJmond, waar acht gemeenten onder vallen. Op iets meer afstand staan de Metropoolregio Amsterdam (MRA) en de provincie, maar ook daar houden we rekening mee.”

In hoeverre bepaalt de gemeente haar eigen beleid?

“We moeten natuurlijk voldoen aan de verplichtingen van het Rijk. Afgezien daarvan bepalen we zelf ons beleid, zoals onlangs is gedaan voor het verhuren van woningen via Airbnb. Aan de andere kant maken we deel uit van een groter geheel. We kunnen geen hek om Bloemendaal zetten. Dus als de MRA besluit de toestroom van toeristen naar Amsterdam meer te spreiden over de omgeving, dan merken we dat hier. Daarom is het belangrijk dat we actief nadenken en vastleggen wat we wel en niet willen, zodat we daarop kunnen sturen.”

Hoe gaan jullie te werk?

“Een kerngroep stippelt de hoofdlijnen uit. Daarin zitten de projectleiders van Bloemendaal en Heemstede, een communicatieadviseur, participatieadviseur en een projectondersteuner. Een werkgroep, waarin alle disciplines een vertegenwoordiger hebben, vult de hoofdlijnen concreter in.

We proberen alle opgaven (zie kader op pagina 22, red.) zo goed mogelijk in te passen in de fysieke leefomgeving en daarbij de kernwaarden van de gemeente te behouden. Dat gaat niet zonder slag of stoot; we moeten keuzes maken. De visie is bedoeld om daarin richting te geven. Samen met inwoners hebben we de kwaliteiten bepaald die Bloemendaal maken tot de gemeente die ze is. Wat we ook kiezen, die willen we behouden. Daarmee maken we het onszelf moeilijk, want we willen geen openluchtmuseum worden. Je hebt dus een bepaalde mate van levendigheid nodig. Uiteindelijk gaat het om de balans. Stel dat Bloemendaal of Haarlem een outletcenter toestaat waardoor kleine winkels verdwijnen, wat doet dat dan met het dorpsleven? Over die dingen moet je nadenken en overleggen met andere gemeenten.”

Wanneer moet de Omgevingsvisieaf zijn?

“Uiterlijk in 2024, maar we streven ernaar dit jaar de visie op hoofdlijnen klaar te hebben.”

Wie hakt de knoop door?

“Uiteindelijk de gemeenteraad en die heeft ons ook opgedragen inwoners te laten meedenken. We zouden trouwens niet anders willen, want je kunt geen toekomstvisie voor een gemeente bedenken zonder inbreng van inwoners. Het gaat tenslotte over hun leefomgeving. Los van de werkateliers (zie vorige pagina red.) komt er een aselecte steekproef nadat enkele toekomstscenario’s zijn uitgewerkt. Het idee is dat een groep willekeurig geselecteerde inwoners een brief krijgen waarin ze hun voorkeur kunnen uitspreken voor een van die scenario’s. De scenario’s worden ook in het gemeentehuis en in andere openbare gebouwen geëxposeerd, zodat mensen zich een beeld kunnen vormen en ter plekke hun reactie kunnen achterlaten. De raad beslist uiteindelijk welk scenario we uitwerken.”

Wat gaan inwoners van de Omgevingsvisie merken?

“Bij de vergunningaanvraag voor het verbouwen van je huis krijg je te maken met andere regels. Die worden in een aantal opzichten soepeler, maar je bent verplicht zelf je buren en omgeving meer te betrekken bij je plannen. De bedoeling is ook dat het vergunningentraject sneller gaat. Momenteel duurt dat voor een reguliere vergunning zes tot acht weken en voor een uitgebreide vergunning 26 weken. Dat gaat allemaal naar acht weken, wat betekent dat bij grote ontwikkelingen al in het voortraject van alles moet worden uitgezocht. Nu kun je een aanvraag indienen en die gaandeweg aanpassen, straks moet je een pasklaar plan aandragen.

Er gaan meer dingen veranderen in onze leefomgeving, niet alleen door de Omgevingsvisie. Grote maatschappelijke opgaven hebben invloed op hoe we over twintig jaar leven, maar het is nog te vroeg om te zeggen hoe dat concreet vorm krijgt.”

37 keer bekeken

AERDENHOUT     |    BENNEBROEK     |    BLOEMENDAAL    |    OVERVEEN    |    VOGELENZANG 

 

© 2020  B. Magazine is een uitgave van Bee-Media